Bladerdeeg bestaat uit tarwebloem, water, vetstof (boter of margarine) en zout. Het kan ook zijn dat het deeg wordt gemaakt met gist, in dat gevoel noemen we het gerezen bladerdeeg of croissantdeeg. Er zijn veel verschillende methodes om bladerdeeg te maken. Elk land heeft zijn eigen manier. De meest gebruikte methodes zijn de Hollandse en de Franse methode. Wist u dat wij één van de weinige bedrijven zijn die bladerdeeg produceren op zowel de Hollandse, als Franse methode?

Bij de Hollandse methode worden blokjes boter toegevoegd nadat het deeg is gekneed. Deze blokjes worden gelijkmatig in het deeg verdeeld zonder ze te versmeren. Bij de Franse methode wordt een laagje boter in het deeg getoerd, dat vervolgens verschillende keren wordt gevouwen om een deeg met meerdere lagen te verkrijgen. Indien gewenst zijn onze degen ook verkrijgbaar met margarine of met een mengsel van boter en margarine.

Bladerdeeg kenmerkt zich door een bladerende werking. Deze structuur van laagjes ontstaat door het toeren van het bladerdeeg. De bladerende werking ontstaat tijdens het bakken, waarbij het water verdampt en de laagjes uit elkaar worden geduwd. Het is belangrijk voor u om te weten welk bladerdeeg u het beste kunt gebruiken voor een specifiek eindproduct. Onze bladerdegen kunnen worden verdeeld over 3 werkingen, namelijk:

  • Rustig 
  • Normaal
  • Royaal

Deze werkingen gebruiken wij ook bij onze recepten, zodat duidelijk is welk soort deeg het best gebruikt kan worden voor dit recept.